Home

“Jij moet het weten, het is jouw vakantie. Maar ik vind het pervers.”

De Hongaarse vakantieliefde is niet zo opgetogen over mijn plannen om het Memento Park in Budapest te bezoeken. Hij is wat ouder en ging al naar de middelbare school toen het communistische regime viel in 1989. Niet dat hij er zoveel last van had. Het was voornamelijk de generatie van zijn grootouders die steen en been klaagden over de rode overheersing. Zelf voelde hij die invloed niet zo op zijn dagelijkse leven. “Misschien is het anders voor hen omdat zij vrijheden hebben gekend die ze hebben moeten opgeven. Ik wist als kind niet beter. En laten we eerlijk zijn, er zijn landen in Oost-Europa die het zwaarder te verduren hebben gehad.” De grote communistische sculpturen in het straatbeeld, die heeft hij wel onthouden. Volgens hem was het niet hun symbolische waarde die de grootste indruk maakte, maar wel de signaalwaarde die ze hadden. Let op, hier spreekt men socialistisch. Dus laat je kritische geest maar thuis.

En dan wil ik naar een park dat vol staat met dit soort monumenten? Toegegeven, het is een bizarre plek. Beelden van Lenin, Marx en Béla Kun staan er zij aan zij met een Trabant uit Oost-Duitsland en een speech van Mao. Een samenraapsel van communistische prullaria. Volgens de ideologie van de architect van het park, Ákos Eleőd, nodigt het plaatsen van zoveel propagandamateriaal uit tot het nadenken en discussiëren erover. Wat de kans op een dergelijke dictatuur in de toekomst kleiner maakt. Daar zit iets in. Maar het neemt niet weg dat ik toch veel jongeren met vaalgroene legerjasjes, combatbroeken en Ché Guevara T-shirts zie rondlopen. Nog te jong om zware sigaren te roken, laten ze hun zelfgerolde sigaretjes nonchalant uit hun mondhoek hangen. Zij zijn niet hier om het verleden in vraag te stellen. Ze zijn hier omdat ze nog geloven in de ideologie. Terwijl mijn vriendin en ik voor de grap foto’s maken met onze kapitalistische visa- en mastercards bij een reusachtige soldaat van het Rode Leger, lezen zij nauwgezet alle tekstborden en maken notities. Het zijn geen Hongaren, maar West-Europese fans van het communisme. Ze koesteren romantische gedachten over een tijd waarin zij nog niet bestonden en een land waar ze nooit woonden. “Juist omdat ze er niet bij waren,” zegt het vakantielief, “net zoals jij.”

Die avond zitten we op Déak Ferenc Tér en drinken we op deze tijden en deze plek.

Wat zegt u?